| 8.4. Buizerd (Buteo buteo) |
|
![]() Figuur 16. Aantalsverloop van het aantal broedparen van de Buizerd in Zeeland in de periode 1995-2008. De start van de eileg was met 3 april gemiddeld. Dat gold met 2,7 ook voor het aantal eieren (s=0,63, n= 31), maar 2,2 jongen per nest was beter dan gemiddeld (s=0,76, n=70) (figuur 17). Dat is een opvallend verschil met de Torenvalk die geen al te best jaar had (hoofdstuk 8.5). Van de Torenvalk is bekend dat voor een goed broedsucces de muizenstand bepalend is (Village 1990, Bijlsma 1993, HC). Het goede jaar voor de Buizerd was een gevolg van de aantrekkende Konijnenstand. Zo werden in Zeeuws-Vlaanderen in 2005 op 25 nesten 15 en in 2008 op 30 nesten 50 Konijnplukresten gevonden. ![]() Op 9 juni werd door Rinus Sinke nabij Waarde een nog niet vliegvlug jong onder een nest gevonden dat later die dag door Wannes Castelijns in het nest werd teruggezet. Op 13 juni zat het jong weer op de grond. Omdat het gewoon werd gevoerd, is het niet opnieuw teruggezet. Op 18 juni werd, het op dat moment bijna vliegvlugge jong, voor het laatst gezien. In 2008 was er nabij Krabbendijke op een hoogspanningsmast een succesvol broedgeval (2 jongen uitgevlogen). Er werd gebroed in een opgelapt Zwarte Kraaiennest (Rinus Sinke). In het Zeeuwse deel van het Markiezaatsmeer bracht een Buizerd drie jongen groot op slechts 55 m van een Haviksnest. Ook de Havik was met één uitgevlogen jong succesvol (Hans Potters). Op 18 april was nabij Zuiddorpe een boer op een akker op minder dan honderd meter van een Buizerdnest aan het werk. De ouders waren langdurig (langer dan één uur) van het nest. Bij de nestcontrole bleek dat de eieren behoorlijk waren afgekoeld. Toch was het nest met drie uitgevlogen jongen succesvol (Willy Vink, Ko Koekkoek, JC en HC). In de Braakmanpolder nabij Hoek leverde een Buizerd dezelfde prestatie langs een veelbelopen pad. Telkens als er iemand in de buurt van het nest kwam, werd het nest verlaten en werd er heftig gealarmeerd. |
| < Vorige | Volgende > |
|---|


